Deze website is deel van www.bruggelokaal.be.

wuk peisje d'ervan ?











Oster 1 tale vor olles en nogentwa goeklink'nde woord'n et, ist oglik wel tWestvlams zekers! Of wuk peisje d'ervan:

-Affeceern: goaze geven
-Andjoen: ajuin
-Antid'ns / Tielik: vroeg
-Oakre: zie Seule
-Ballanswoore, Juttekakotere, Renne: schommel
-Bollekette: een king-size knikker
-Buzze geevn: goaze geevn
-Kamelot: goedkoop en duurkoop
-Kornisje: dakgoot
-Deur: door
-Deure: deur
-Dilte: "zolder" boven stallen, dient om hooi/stro te stockeren
-Geistekakker: dikkenekke
-Ertefretter: een zeurkous
-Ersatz: vervangmiddel van mindere kwaliteit
-Fikke: een gebrekkig mens
-Flusj: vangtros
-Flutse: misser
-Frottn: flemen
-Furning: ongedierte (bij insecten)
-Gerre: een gat, kier - bv. de deure stoat up e gerre
-Gês-oere: vrouwspersoon dat meestal in de struiken gevonden wordt
-Gês-gjeete: vrouw met de intelligentie van de ges-oere maar met minder succes bij de mannen
-Gjeel die santeboetik: heel dat zaakje
-In kweiste zin: Ruzie maken
-'t Upperste: de zolder
-Jeunn: zich amuseren
-Kariot: oud vehikel
-Kiessak: vettigaard
-Klunt'n: onhandig mens
-Klutters / Kluttergelt: kleingeld

-Konoriepietje: kanarie
-Kontroarie: integendeel, tegendraads
-Kalisheklutser: nietsnut met grote mond
-Kortwoagn: kruiwagen
-Krudekoeke/zoetekoeke/pennepisse: peperkoek
-Kwihstje/kitzwonders: Ik ben benieuwd
-Lattestwoors: rolluiken
-Lettre: weinig
-Lochtink: moestuin
-Lutte geevn: goaze geevn
-Marbels/Marbeln: knikkers/met knikkers spelen
-Meuzje: mug
-Meuzel: boodschappentas/zak
-Messink :mesthoop
-Miern zjihkn: zeveren
-Mullepeehre/mot: klap in t gezicht (muilpeer)
-Oalkartjeel: beerkar
-Pallulle: Pannenkoek
-Pallullewuppre: Drogegrappenmaker
-Pekker: iemand die op cafe blijft hangen
-Pernikkel: klein, onbeduidend mannetje
-Pertank: nochtans
-Pielle: batterijtje
-Frutnier: wesp
-Porre: een goe gebouwde vrouw [kloeke porre], vandoar pur ytbreidinge oor meisje
-Preus/Preus lik tvjirtih: trots/ enorm trots zijn
-Puppegoale/Bakwoagn: kruiwagen
-Passensje: geduld
-Joen Puste skeurn: geniepig vertrekken
-Rutte: venster
-Rulle: meikever
-Sarze/Soaze: deken
-Sk(e)uttels, de sk(e)uttels doen: de vaat doen
-Skufln: fluiten, ook vogelzang
-Skurdug/Skurdugoard: roekeloos, roekeloos persoon
-Skuw: gevaarlijk/geweldig (let op het verschil in betekenis)
-Seule: emmer
-Sjette: wol
-Sjette geevn: rap voortdoen, goaze geevn
-Slunse: vod/vrouw met lichte zeden -cfr. den tring en den tram in derover ewist
-Sloare: sloor, arme vrouw
-Smeirlaprie: goederen van bedenkelijke kwaliteit
-Smuk [Smukk'n]: motregen [motregenen]
-Stoffoasje: materiaal
-Sturtn: morsen
-Stuttn: boterhammen
-Stuteskooijer: boterhammenbedelaar
-Tefeihte: direct
-Tettink: regenworm
-Tjeehle: Teil
-Jattetoet: jazeker
-Trunte: wie voor het minste begint te huilen
-Ulle: deksel
-Ullewuppre: kroontjeswipper, flesopener
-Van tweistn: Dwars
-Verzekers: waarschijnlijk
-Veugl, veugln: vogel, ook figuurlijk, vandaar het werkwoord
-Vlerke, vleire: vleugel
-Vrommins: vrouw
-Wietn: onnozelaar
-Wikkeln / Roern: bewegen
-Wuf: vrouw, geen negatieve connotatie
-Zeemtette: slijmbal, zagevent